zomers

bijv.naamw.
Uitspraak:  [ˈzomərs]
Afbreekpatroon:  zo·mers

zoals gebruikelijk is in de zomer, vooral van het weer
Voorbeeld:  `een heerlijke, zomerse dag`


4 definities op Encyclo
  • •" [WikiW
  • wat bij de zomer hoort vb: het was vandaag de eerste zomerse dag
  • 1) Als in een jaargetijde 2) Warm 3) Als in de zomer 4) Warm en zonnig 5) Als in zeker jaargetijde
  • lijkend op de zomer; de eigenschappen daarvan in zekere mate hebbend; zomerachtig optredend, plaatshebbend, voorkomend, zich voordoend in de zomer; behorend tot de zomer van een aard die kenmerkend is voor het genoemde in de zomer; karakteristiek voor de zomer; als in de zomer; als bijwoord: op een wijze die ...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met zomers:
zomerschoolzomerseizoenzomerseriezomerslaapzomersmeringzomersmogzomerspelzomerspelenzomersportzomersproetzomerstopzomerstorm

Deze woorden eindigen op zomers:
voorzomers's zomers

Taaladvies
  1. Wat is juist: `Bo gaat zomers elke dag naar het strand` of `Bo gaat `s zomers elke dag naar het strand`? Zie `s Zomers / zomers
  2. Kun je spreken van een zomerende periode? Zie Zomeren


Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat betekent zomers?
'zoals gebruikelijk is in de zomer, vooral van het weer'
Hoe spel je zomers?
zomers spel je Z O M E R S

Op andere websites
Zoek zomers in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek zomers op Google
Zoek zomers op Woordenlijst.org
Zoek zomers in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek zomers op Wikipedia