de zakenreis
zelfst.naamw. (m./v.)
| Uitspraak: | ['zakə(n)rɛis] |
| Afbreekpatroon: | za·ken·reis |
| Verbuigingen: | zakenreizen (meerv.) |
reis die je voor je werk doet | Voorbeelden: | `De directie is op zakenreis.`, `een zakenreis boeken`, `een lucratieve zakenreis` | |
1 definitie op Encyclo
- 1) Uitstapje voor het werk 2) Beroepsmatige trip 3) Beroepsmatig ondernomen trip 4) Beroepsmatig ondernomen reis 5) Professionele verplaatsing
Toon uitgebreidere definitiesVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de zakenreis' of 'het zakenreis'?
Het is 'de zakenreis', want zakenreis is mannelijk en vrouwelijk. Als je het aanwijst is het 'die zakenreis'.
Wat is het meervoud van zakenreis?
Het meervoud van zakenreis is 'zakenreizen'. Eén zakenreis, twee zakenreizen.
Wat betekent zakenreis?
'reis die je voor je werk doet'
Hoe spel je zakenreis?
zakenreis spel je Z A K E N R E I S Op andere websites
Zoek zakenreis in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek zakenreis op
Google
Zoek zakenreis op
Woordenlijst.org
Zoek zakenreis in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek zakenreis op
Wikipedia