woonachtig

bijv.naamw.
Uitspraak:  [wonˈɑxtəx]
Afbreekpatroon:  woon·ach·tig

woonachtig zijn te  (wonen in (een plaats of land)) `woonachtig te Rotterdam`


Synoniemen
gevestigd   zetelend   

2 definities op Encyclo
  • 1) Zetelend 2) Gedomicilieerd 3) Gevestigd
  • wonende Jaar van herkomst: 1279 (CG I 1, 423 )
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
woonachtig (wonende)

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Hoe spel je woonachtig?
woonachtig spel je W O O N A C H T I G
Wat is een ander woord voor woonachtig?
Andere woorden voor woonachtig zijn gevestigd en zetelend.

Op andere websites
Zoek woonachtig in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek woonachtig op Google
Zoek woonachtig op Woordenlijst.org
Zoek woonachtig in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek woonachtig op Wikipedia