I wekelijks

bijv.naamw.
Uitspraak:  ['wekələks]
Afbreekpatroon:  we·ke·lijks

wat iedere week gebeurt, verschijnt enz.
Voorbeeld:  `een wekelijkse column`


II wekelijks

bijwoord
Uitspraak:  ['wekələks]
Afbreekpatroon:  we·ke·lijks

eenmaal per week of elke week
Voorbeeld:  `We komen wekelijks bij elkaar.`


3 definities op Encyclo
  • wat één keer in de week gebeurt vb: wij doen wekelijks onze boodschappen
  • 1) Iedere week 2) Per week 3) Periodiek 4) Regelmatig 5) Elke zeven dagen 6) Om de zeven dagen 7) Elke week 8) Om de zoveel tijd
  • Wekelijks is elke week. [basiswoordenlijst groep 5]
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op wekelijks:
driewekelijks

Herkomst volgens etymologiebank.nl
wekelijks

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat betekent wekelijks?
'wat iedere week gebeurt, verschijnt enz.'
Hoe spel je wekelijks?
wekelijks spel je W E K E L I J K S

Op andere websites
Zoek wekelijks in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek wekelijks op Google
Zoek wekelijks op Woordenlijst.org
Zoek wekelijks in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek wekelijks op Wikipedia