uitdragen

werkw.
Uitspraak:  ['œydraxə(n)]
Afbreekpatroon:  uit·dra·gen
Vervoegingen:  droeg uit (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft uitgedragen (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

bij mensen bekendmaken
Voorbeelden:  `je ideeën uitdragen`,
`Het bedrijf draagt uit dat het goed bezig is.`
Synoniem:  verkondigen


Synoniemen
een boodschap uitdragen   prediken   ten einde dragen   verkondigen   voldragen   

Spreekwoorden en zegswijzen
• de dag met manden uitdragen (=tijd verdoen)
Naar de spreekwoorden

2 definities op Encyclo
  • in het openbaar vertellen vb: dit is de boodschap die hij heeft uitgedragen Synoniem: verkondigen
  • 1) Voldragen 2) Prediken 3) Verbreiden 4) Verkondigen 5) Brengen
Toon uitgebreidere definities

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van uitdragen?
De verleden tijd van uitdragen is 'droeg uit'. Het voltooid deelwoord is 'heeft uitgedragen'.
Wat betekent uitdragen?
'bij mensen bekendmaken'
Hoe spel je uitdragen?
uitdragen spel je U I T D R A G E N
Wat is een ander woord voor uitdragen?
Andere woorden voor uitdragen zijn een boodschap uitdragen, prediken, ten einde dragen, verkondigen en voldragen.

Op andere websites
Zoek uitdragen in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek uitdragen op Google
Zoek uitdragen op Woordenlijst.org
Zoek uitdragen in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek uitdragen op Wikipedia