telefonisch

bijv.naamw.
Uitspraak:  [teləˈfonis]
Afbreekpatroon:  te·le·fo·nisch

per telefoon
Voorbeelden:  `telefonisch contact opnemen`,
`Mevrouw is telefonisch in gesprek. Wilt u wachten?`


1 definitie op Encyclo
  • per telefoon vb: ik zal je telefonisch laten weten wat ik doe
Toon uitgebreidere definities

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat betekent telefonisch?
'per telefoon'
Hoe spel je telefonisch?
telefonisch spel je T E L E F O N I S C H

Op andere websites
Zoek telefonisch in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek telefonisch op Google
Zoek telefonisch op Woordenlijst.org
Zoek telefonisch in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek telefonisch op Wikipedia