de schaalvrucht
zelfst.naamw. (m./v.)
| Uitspraak: | ['sxalvrʏxt] |
| Verbuigingen: | schaalvruchten (meerv.) |
noot of vrucht met een harde schil | Voorbeeld: | `een okkernoot is een schaalvrucht` | |
| Synoniem: | dopvrucht |
1 definitie op Encyclo
Toon uitgebreidere definitiesVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de schaalvrucht' of 'het schaalvrucht'?
Het is 'de schaalvrucht', want schaalvrucht is mannelijk en vrouwelijk. Als je het aanwijst is het 'die schaalvrucht'.
Wat is het meervoud van schaalvrucht?
Het meervoud van schaalvrucht is 'schaalvruchten'. Eén schaalvrucht, twee schaalvruchten.
Wat betekent schaalvrucht?
'noot of vrucht met een harde schil'
Hoe spel je schaalvrucht?
schaalvrucht spel je S C H A A L V R U C H T Op andere websites
Zoek schaalvrucht in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek schaalvrucht op
Google
Zoek schaalvrucht op
Woordenlijst.org
Zoek schaalvrucht in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek schaalvrucht op
Wikipedia