de patjakker
zelfst.naamw. (m.)
| Uitspraak: | ['pɑtjɑkər] |
| Afbreekpatroon: | pat·jak·ker |
| Verbuigingen: | patjakkers (meerv.) |
ordinaire bedrieger | Voorbeeld: | `Volgens hem zijn politici patjakkers en zakkenvullers.` | |
| Synoniemen: | hufter, schurk |
5 definities op Encyclo
- [Bargoens, boeventaal] deugniet, fielt.
- 1) Badjakker 2) Haveloze kerel 3) Schurk (volkstaal) 4) Naar mens 5) Smeerlap 6) Deugniet 7) Liederlijk mens 8) Schurk
- gemene kerel
- gemene kerel Jaar van herkomst: 1896 (WNT )
- Spreekwoorden: (1914) Patjakker. Dit is een plat scheldwoord, dat in verbinding met leelijke of vuile gebruikt wordt in den zin van schurk, liederlijke vent, smeerlap, slampamper. Het is in dezen zin in de ruwe volkstaal zeer gebruikelijk. Vgl. Opprel, 76: patjakker, fielt, schurk, patser; Köster Henke, ...
Toon uitgebreidere definitiesHerkomst volgens etymologiebank.nl
patjakker (schelm, schurk)Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de patjakker' of 'het patjakker'?
Het is 'de patjakker', want patjakker is mannelijk. Als je het aanwijst is het 'die patjakker'.
Wat is het meervoud van patjakker?
Het meervoud van patjakker is 'patjakkers'. Eén patjakker, twee patjakkers.
Wat betekent patjakker?
'ordinaire bedrieger'
Hoe spel je patjakker?
patjakker spel je P A T J A K K E R Op andere websites
Zoek patjakker in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek patjakker op
Google
Zoek patjakker op
Woordenlijst.org
Zoek patjakker in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek patjakker op
Wikipedia