opzijzetten
werkw.
| Uitspraak: | [ɔp'sɛizɛtə(n)] |
| Afbreekpatroon: | op·zij·zet·ten |
| Vervoegingen: | zette opzij (verl.tijd enkelv.) |
| Vervoegingen: | heeft opzijgezet (volt.deelw.) |
bewaren tot je het nodig hebt | Voorbeelden: | `geld opzijzetten`, `maandelijks een deel van je inkomen opzijzetten` | |
1 definitie op Encyclo
Toon uitgebreidere definitiesVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van opzijzetten?
De verleden tijd van opzijzetten is 'zette opzij'. Het voltooid deelwoord is 'heeft opzijgezet'.
Wat betekent opzijzetten?
'bewaren tot je het nodig hebt'
Hoe spel je opzijzetten?
opzijzetten spel je O P Z I J Z E T T E N Op andere websites
Zoek opzijzetten in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek opzijzetten op
Google
Zoek opzijzetten op
Woordenlijst.org
Zoek opzijzetten in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek opzijzetten op
Wikipedia