de nonkel
zelfst.naamw. (m.)
| Uitspraak: | ['nɔŋkəl] |
| Afbreekpatroon: | non·kel |
| Verbuigingen: | nonkels (meerv.) |
broer van je vader of moeder, of de man van de zuster van je vader of moeder | Voorbeeld: | `Onze nonkel Ludo is gisteren begraven.` | |
| Synoniem: | oom |
4 definities op Encyclo
- • [familie] broer of zwager van iemands vader of moeder.
- 1) Oom 2) Familielid 3) Oom (Vlaams) 4) Broer van ma of pa 5) Onkel
- oom
- oom Jaar van herkomst: 1851 (WNT zeveren )
Toon uitgebreidere definitiesDeze woorden eindigen op nonkel:
•
ranonkelHerkomst volgens etymologiebank.nl
nonkel = nonkTaaladvies
Is
nonkel een correct woord voor
oom?
Zie Nonkel / oomVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de nonkel' of 'het nonkel'?
Het is 'de nonkel', want nonkel is mannelijk. Als je het aanwijst is het 'die nonkel'.
Wat is het meervoud van nonkel?
Het meervoud van nonkel is 'nonkels'. Eén nonkel, twee nonkels.
Wat betekent nonkel?
'broer van je vader of moeder, of de man van de zuster van je vader of moeder'
Hoe spel je nonkel?
nonkel spel je N O N K E L Op andere websites
Zoek nonkel in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek nonkel op
Google
Zoek nonkel op
Woordenlijst.org
Zoek nonkel in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek nonkel op
Wikipedia