kleinschalig

bijv.naamw.
Uitspraak:  [klɛinˈsxaləx]
Afbreekpatroon:  klein·scha·lig

waar weinig dingen of weinig personen bij betrokken zijn
Voorbeeld:  `een kleinschalig onderzoek`
Antoniem:  grootschalig


Synoniemen
grootschalig (antoniem)   

7 definities op Encyclo
  • klein van opzet, op kleine schaal vb: dit bedrijf houdt zich bezig met de kleinschalige productie van hippe meubels Tegenstelling: grootschalig
  • 1) Beperkt 2) Niet groot van omvang 3) Niet omvangrijk
  • Iets dat kleinschalig is, is niet erg uitgebreid.
  • Kaart waarop alles heel klein is afgebeeld. De schaal is dan 1:100.000 of groter.
  • Klein wat grootte betreft. De akkerbouw in Indonesië is meestal kleinschalig: de landerijen zijn klein en men produceert voor de zelfvoorziening.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met kleinschalig:
kleinschaligheid

Herkomst volgens etymologiebank.nl
kleinschalig (op kleine schaal)

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat betekent kleinschalig?
'waar weinig dingen of weinig personen bij betrokken zijn'
Hoe spel je kleinschalig?
kleinschalig spel je K L E I N S C H A L I G
Wat is het tegenovergestelde van kleinschalig?
Een antoniem van kleinschalig is grootschalig.

Op andere websites
Zoek kleinschalig in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek kleinschalig op Google
Zoek kleinschalig op Woordenlijst.org
Zoek kleinschalig in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek kleinschalig op Wikipedia