het inwoneraantal
zelfst.naamw.
| Uitspraak: | ['ɪnwonərantɑl] |
| Verbuigingen: | inwoneraantallen (meerv.) |
hoeveelheid inwoners | Voorbeeld: | `Het inwoneraantal van Amsterdam groeit weer.` | |
| Synoniem: | inwonertal |
Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de inwoneraantal' of 'het inwoneraantal'?
Het is 'het inwoneraantal', want inwoneraantal is onzijdig. Als je het aanwijst is het 'dat inwoneraantal'.
Wat is het meervoud van inwoneraantal?
Het meervoud van inwoneraantal is 'inwoneraantallen'. Eén inwoneraantal, twee inwoneraantallen.
Wat betekent inwoneraantal?
'hoeveelheid inwoners'
Hoe spel je inwoneraantal?
inwoneraantal spel je I N W O N E R A A N T A L Op andere websites
Zoek inwoneraantal in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek inwoneraantal op
Google
Zoek inwoneraantal op
Woordenlijst.org
Zoek inwoneraantal in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek inwoneraantal op
Wikipedia