gezind

bijv.naamw.
Uitspraak:  [xə'zɪnt]
Afbreekpatroon:  ge·zind

met genoemde gevoelens
Voorbeeld:  `positief gezind zijn over de verkiezingsuitslag`
iemand gunstig gezind zijn  (aardig voor iemand willen zijn; iemand willen helpen) `De weergoden zijn de zeilers gunstig gezind: het waait en het is mooi weer.`


Synoniemen
genegen   geneigd   

4 definities op Encyclo
  • met bepaalde gevoelens voor iemand vb: hij is mij vijandig gezind
  • 1) Geneigd 2) Toegenegen 3) Genegen 4) Bereid tot
  • genegen
  • genegen Jaar van herkomst: 1300 (MNW )
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met gezind:
gezindegezindheidgezindte

Deze woorden eindigen op gezind:
eensgezindgelijkgezindgoedgezindkoningsgezindslechtgezindvernieuwingsgezindwelgezindverzoeningsgezindvergevensgezindpaapsgezindongezindkwaadgezindhervormingsgezinddoopsgezindaardsgezindNederlandsgezindoranjegezind

Herkomst volgens etymologiebank.nl
gezind (genegen)

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat betekent gezind?
'met genoemde gevoelens'
Hoe spel je gezind?
gezind spel je G E Z I N D
Wat is een ander woord voor gezind?
Andere woorden voor gezind zijn genegen en geneigd.

Op andere websites
Zoek gezind in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek gezind op Google
Zoek gezind op Woordenlijst.org
Zoek gezind in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek gezind op Wikipedia