factchecken
werkw.
| Afbreekpatroon: | 'fact - chec - ken |
| Herkomst: | «Engels |
| Vervoegingen: | factcheckte (verl.tijd ) |
| Vervoegingen: | gefactcheckt (volt.deelw.) |
controleren van herkomst en feiten voordat iets wordt gepubliceerd journalistiek | Voorbeeld: | `journalisten kunnen maar beter hun online bronnen factchecken` | |
2 definities op Encyclo
- nagaan of beweringen in overeenstemming zijn met of berusten op feiten; nagaan of beweringen in overeenstemming zijn met de werkelijkheid; nagaan of beweringen waar zijn; ook overgankelijk: het waarheidsgehalte checken van
- nagaan of beweringen in overeenstemming zijn met of berusten op feiten; nagaan of beweringen in overeenstemming zijn met de werkelijkheid; nagaan of beweringen waar zijn
Toon uitgebreidere definitiesVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van factchecken?
De verleden tijd van factchecken is 'factcheckte'. Het voltooid deelwoord is 'gefactcheckt'.
Wat betekent factchecken?
'controleren van herkomst en feiten voordat iets wordt gepubliceerd'
Hoe spel je factchecken?
factchecken spel je F A C T C H E C K E N Op andere websites
Zoek factchecken in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek factchecken op
Google
Zoek factchecken op
Woordenlijst.org
Zoek factchecken in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek factchecken op
Wikipedia