de confituur
zelfst.naamw. (m./v.)
| Uitspraak: | [kɔnfi'tyr] |
| Afbreekpatroon: | con·fi·tuur |
| Verbuigingen: | confituren (meerv.) |
gekookt mengsel van vruchten en suiker | Voorbeelden: | `confituur van rode vruchten`, `confituur maken`, `aardbeienconfituur` | |
| Synoniem: | jam |
2 definities op Encyclo
- 1) Vruchtengelei 2) Vruchtenjam 3) Broodbeleg 4) Jam 5) Broodsmeersel
- zoet broodbeleg, gemaakt van fijngemaakte vruchten die met suiker en een bindmiddel tot een geleiachtige brij gekookt worden; jam soort of merk confituur
Toon uitgebreidere definitiesVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de confituur' of 'het confituur'?
Het is 'de confituur', want confituur is mannelijk en vrouwelijk. Als je het aanwijst is het 'die confituur'.
Wat is het meervoud van confituur?
Het meervoud van confituur is 'confituren'. Eén confituur, twee confituren.
Wat betekent confituur?
'gekookt mengsel van vruchten en suiker'
Hoe spel je confituur?
confituur spel je C O N F I T U U R Op andere websites
Zoek confituur in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek confituur op
Google
Zoek confituur op
Woordenlijst.org
Zoek confituur in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek confituur op
Wikipedia