de bromfietser
zelfst.naamw. (m.)
| Uitspraak: | ['brɔmfitsər] |
| Afbreekpatroon: | brom·fiet·ser |
| Verbuigingen: | bromfietsers (meerv.) |
de bromfiets|ster
zelfst.naamw.
| Uitspraak: | ['brɔmfit|stər] |
| Afbreekpatroon: | brom·fiet·ser |
| Verbuigingen: | bromfietssters (meerv.) |
iemand die op een bromfiets rijdt | Voorbeeld: | `De maximumsnelheid voor bromfietsers op de weg is 45 km/uur.` | |
1 definitie op Encyclo
- 1) Weggebruiker 2) Verkeersdeelnemer
Toon uitgebreidere definitiesHerkomst volgens etymologiebank.nl
bromfietserVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de bromfietser' of 'het bromfietser'?
Het is 'de bromfietser', want bromfietser is mannelijk. Als je het aanwijst is het 'die bromfietser'.
Wat is het meervoud van bromfietser?
Het meervoud van bromfietser is 'bromfietsers'. Eén bromfietser, twee bromfietsers.
Wat betekent bromfiets|ster?
'iemand die op een bromfiets rijdt'
Hoe spel je bromfiets|ster?
bromfiets|ster spel je B R O M F I E T S Hoofdletter-| S T E R Op andere websites
Zoek bromfietser in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek bromfietser op
Google
Zoek bromfietser op
Woordenlijst.org
Zoek bromfietser in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek bromfietser op
Wikipedia