de agnosticus
zelfst.naamw. (m.)
| Uitspraak: | [ɑx'nɔstikʏs] |
| Afbreekpatroon: | ag·nos·ti·cus |
| Verbuigingen: | agnostici (meerv.) |
de agnostica
zelfst.naamw.
| Uitspraak: | [ɑx'nɔsti|ka] |
| Afbreekpatroon: | ag·nos·ti·cus |
| Verbuigingen: | agnosticae (meerv.) |
aanhanger van het agnosticisme 5 definities op Encyclo
- Iemand die niet weet, of denkt dat het onmogelijk is te weten, dat er een God is. (F.A.S.)
- 1) Niet weter 2) Ongelovige 3) Aanhanger van het agnosticisme
- Aanhanger van het agnosticisme.
- iemand die het niet mogelijk acht om het bestaan of niet-bestaan van een hogere macht aan te tonen; iemand die erkent niet te weten of God bestaat
- Iemand die niet weet, of denkt dat het onmogelijk is te weten, dat er een God is.
Toon uitgebreidere definitiesVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de agnosticus' of 'het agnosticus'?
Het is 'de agnosticus', want agnosticus is mannelijk. Als je het aanwijst is het 'die agnosticus'.
Wat is het meervoud van agnosticus?
Het meervoud van agnosticus is 'agnostici'. Eén agnosticus, twee agnostici.
Wat betekent agnostica?
'aanhanger van het agnosticisme'
Hoe spel je agnostica?
agnostica spel je A G N O S T I C A Op andere websites
Zoek agnosticus in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek agnosticus op
Google
Zoek agnosticus op
Woordenlijst.org
Zoek agnosticus in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek agnosticus op
Wikipedia