de afscheidsrede
zelfst.naamw. (m./v.)
| Uitspraak: | ['ɑfsxɛitsredə] |
| Afbreekpatroon: | af·scheids·re·de |
| Verbuigingen: | afscheidsredes (meerv.) |
toespraak bij een afscheid, vooral als je stopt met je baan | Voorbeelden: | `de afscheidsrede van een hoogleraar of van een politicus`, `een afscheidsrede bij een begrafenis` | |
1 definitie op Encyclo
Toon uitgebreidere definitiesVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de afscheidsrede' of 'het afscheidsrede'?
Het is 'de afscheidsrede', want afscheidsrede is mannelijk en vrouwelijk. Als je het aanwijst is het 'die afscheidsrede'.
Wat is het meervoud van afscheidsrede?
Het meervoud van afscheidsrede is 'afscheidsredes'. Eén afscheidsrede, twee afscheidsredes.
Wat betekent afscheidsrede?
'toespraak bij een afscheid, vooral als je stopt met je baan'
Hoe spel je afscheidsrede?
afscheidsrede spel je A F S C H E I D S R E D E Op andere websites
Zoek afscheidsrede in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek afscheidsrede op
Google
Zoek afscheidsrede op
Woordenlijst.org
Zoek afscheidsrede in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek afscheidsrede op
Wikipedia