aansnijden

werkw.
Uitspraak:  ['ansnɛidə(n)]
Afbreekpatroon:  aan·snij·den
Vervoegingen:  sneed aan (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft aangesneden (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) het eerste stuk afsnijden
Voorbeeld:  `een cake aansnijden`

2) ter sprake brengen
Voorbeeld:  `een onderwerp aansnijden`
Synoniemen:  aan de orde stellen, aankaarten


Synoniemen
aankaarten   aanknopen   aanroeren   aanvoeren   entameren   gesprek aanknopen   op tafel leggen   openen   opperen   opwerpen   starten   te berde brengen   ter sprake brengen   

1 definitie op Encyclo
  • 1) Beginnen over 2) Over iets beginnen 3) Aanbreken 4) Ontginnen 5) Beginnen 6) Aankaarten 7) Starten 8) Opwerpen 9) Opperen 10) Aanknopen 11) Aanroeren 12) Aanvoeren 13) Openen 14) Aanzwengelen 15) Ter sprake brengen 16) Entameren
Toon uitgebreidere definities

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van aansnijden?
De verleden tijd van aansnijden is 'sneed aan'. Het voltooid deelwoord is 'heeft aangesneden'.
Wat betekent aansnijden?
'het eerste stuk afsnijden' en 'ter sprake brengen'
Hoe spel je aansnijden?
aansnijden spel je A A N S N I J D E N
Wat is een ander woord voor aansnijden?
Andere woorden voor aansnijden zijn aankaarten, aanknopen, aanroeren, aanvoeren, entameren, gesprek aanknopen, op tafel leggen, openen, opperen, opwerpen, starten, te berde brengen en ter sprake brengen.

Op andere websites
Zoek aansnijden in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek aansnijden op Google
Zoek aansnijden op Woordenlijst.org
Zoek aansnijden in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek aansnijden op Wikipedia