aanbakken

werkw.
Uitspraak:  ['anbɑkə(n)]
Afbreekpatroon:  aan·bak·ken
Vervoegingen:  bakte aan (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  is aangebakken (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) (van eten) bij het bakken vastkleven aan de pan
Voorbeelden:  `aangebakken aardappelen opnieuw met koud water opzetten`,
`een aangebakken pan met rijst`

2) even bakken
Voorbeeld:  `Je moet het vlees aan beide kanten aanbakken en dan afblussen.`


2 definities op Encyclo
  • 1) Vastkoeken 2) Verbranden 3) Aanbranden 4) Aanhechten
  • door een te hoge temperatuur of te lange bereidingstijd zich tijdens het bereiden aan de pan, aan de ovenplaat e.d. vasthechten; zwart worden door te lang of te langdurig bakken, waardoor het niet of nauwelijks meer eetbaar is; enigszins aanbranden zich ergens aan vasthechten; vastkoeken Vooral in de vorm van...
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
aanbakken (vastkleven)

Taaladvies
Komt er een streepje in woorden die beginnen met anti? Zie antiaanbaklaag / anti-aanbaklaag

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van aanbakken?
De verleden tijd van aanbakken is 'bakte aan'. Het voltooid deelwoord is 'is aangebakken'.
Wat betekent aanbakken?
'(van eten) bij het bakken vastkleven aan de pan' en 'even bakken'
Hoe spel je aanbakken?
aanbakken spel je A A N B A K K E N

Op andere websites
Zoek aanbakken op Woordenlijst.org
Zoek aanbakken op Google
Zoek aanbakken op Wikipedia